elleboog
drrogervanriet@azmonica.be

Hier vindt u alle nodige informatie omtrent specifieke behandelingen van de elleboog. Gebruik het menu aan de linkerkant om de specifieke behandelingen te bekijken van de diagnose die bij u werd vastgesteld.

Kies de afwijking aan de linkerkant om het gewenste behandelplan te bekijken.

Wat is artrose
Artrose is een slijtage van het gewrichtskraakbeen. Als reactie op de artrose wordt er vaak extra bot aangemaakt aan de randen van het gewricht en het kapsel rond de elleboog verdikt. Slijtage van de elleboog uit zich dan ook door pijn en een beperkte beweging. Slijtage is een traag proces maar de symptomen kunnen soms snel optreden.

Artrose kan zoals in de andere gewrichten beginnen door langdurige overbelasting. Sommige mensen hebben meer aanleg tot artrose dan anderen. Tenslotte komt slijtage van de elleboog vaak voor na een ongeval, waarbij er een breuk werd opgelopen in het gewricht.

Onderzoek
Tijdens het onderzoek bij de arts zal deze de beweeglijkheid van de elleboog testen. Ook is het van belang te zien of de elleboog stabiel is tijdens de beweging. ‘Kraken’, of het ‘op slot schieten’ van de elleboog tijdens de beweging kunnen wijzen op losliggende stukjes kraakbeen of bot in het gewricht. Dit zijn zogenaamde gewrichtsmuizen.

Bij een ernstige artrose is er vaak vocht in het gewricht en soms is zelfs het uitzicht van de elleboog veranderd. Meestal wordt een Röntgenfoto van de elleboog gemaakt. Soms wordt er nog een CT scan gemaakt om de extra botvorming of de gewrichtsmuizen beter te kunnen zien.

Wat is de behandeling?
Ten eerste wordt er een conservatieve behandeling gevolgd. Dat betekent dat een operatie nooit de eerste keuze is. Het eerste deel van de behandeling bestaat vooral uit gerichte kinesitherapie.

Als er geen maagproblemen zijn wordt er vaak een kuur met ontstekingsremmende medicatie voorgeschreven. Als dit onvoldoende resultaat geeft dan kan de arts soms beslissen een injectie met cortisonen te geven. Tenslotte kan het nodig zijn de elleboog te opereren.

Operatie
Afhankelijk van de ernst van de slijtage en de symptomen en de leeftijd van de patiënt wordt er een andere operatie uitgevoerd. Gewrichtsmuizen worden meestal met een kijkoperatie (artroscopie) verwijderd.

Hierbij kan ook extra bot worden weggenomen en kan het kapsel worden losgemaakt om de elleboog beter te laten bewegen. Dit kan ook via een open procedure gebeuren met een incisie aan de achterkant of aan de zijkant van de elleboog.
Tenslotte kan er, bij mensen ouder dan 65 jaar, een totale prothese van de elleboog worden geplaatst.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een gips of een dik verband. Dit blijft 24 uur rond de elleboog. Dit dient om de zwelling tegen te gaan. Hierna moet de elleboog bewogen worden. In sommige gevallen zal dit gebeuren met de hulp van een CPM machine die de elleboog mechanisch beweegt. Vooral het strekken is meestal moeilijk in het begin.

Voor de prothese gelden een aantal leefregels. Zo mag men maximaal 5 kilogram per keer tillen. Dit is maximaal 1.5 kilogram bij herhaaldeijk heffen.

Specifieke complicaties
De elleboog is vaak sterk gezwollen na de operatie. Dit kan leiden tot blaren op de huid en wondproblemen. Door de zwelling neemt de beweeglijkheid die tijdens de operatie werd verkregen ook (tijdelijk) af.

Bij kijkoperaties van de elleboog is er een toegenomen risico op zenuwletsel. Indien het voor de zenuw te gevaarlijk zou zijn om artroscopisch verder te gaan kan er besloten worden om een open incisie te maken of om de operatie te stoppen.

Bij een prothese is er een vergroot risico op een infectie. Bij de minste twijfel dient u zich aan te melden om de elleboog te laten onderzoeken.

Resultaten
De resultaten bij deze operatie zijn over het algemeen goed maar dit is sterk afhankelijk van de ernst van de slijtage. De artrose wordt ook niet gestopt door de operatie maar het is de bedoeling de pijn te verminderen en de beweeglijkheid te verbeteren.

Het doel van de operatie is het verkrijgen van een functionele beweeglijkheid, waarmee de patiënt de meeste activiteiten van het dagelijks leven zonder pijn uit kan voeren. Alleen het plaatsen van een prothese stopt de artrose.

Ongeveer 90% van de prothesen zal, indien er geen complicaties optreden en de patiënt zich goed aan de leefregels houdt, langer dan 10 jaar goed functioneren. Vervangen van de prothese of een deel hiervan is meestal goed mogelijk.

Wat is een biceps pees scheur?
De biceps is de grote spier aan de voorzijde van de bovenarm. De pees hecht aan, aan het spaakbeen (radius) ter hoogte van de onderarm. Bij aanspannen van de biceps buigt de elleboog (flexie) en draait de handpalm naar boven (supinatie). De pees kan scheuren door een te zware belasting.

Dit kan plotsklaps gebeuren maar kan ook langzaam optreden. De meeste patiënten zijn mannen die zware lichamelijke arbeid verrichten. Vaak zijn er al langer klachten aan de voorkant van de elleboog. Dit kan wijzen op een langdurige overbelasting of zelfs een ontsteking van de pees.

Onderzoek
Tijdens het onderzoek bij de arts, zal deze kijken naar de omvang van de spier. Bij een recente scheur is er soms een grote blauwe plek zichtbaar en kan het zijn dat de spier richting de schouder is verplaatst. Als de arts vraagt de spier aan te spannen is dit meestal pijnlijk. De kracht van de elleboog kan verminderd zijn maar is vaak nog redelijk, omdat andere spieren de functie overnemen. Rek van de spier is meestal pijnlijk.

Tenslotte zal de arts proberen de pees te voelen en ‘aan te haken’. Door de pijn en de zwelling is dit vaak moeilijk. De pees scheurt niet altijd volledig maar soms slechts gedeeltelijk. Dan is de resterende pees nog wel voelbaar door de arts en is pijn het meest op de voorgrond.

Meestal worden een Röntgenfoto van de elleboog en een echografie aangevraagd maar dit is niet altijd nodig. Soms kan het nodig zijn een MRI scan te maken. Dit is vooral het geval bij gedeeltelijk gescheurde pezen.

De MRI wordt gedaan met de arm in een speciale positie. Bij twijfel is het beter om eerst met uw arts te overleggen omdat een MRI voor een biceps anders in dan een standaard MRI voor de elleboog.

Wat is de behandeling?
Bij een ontsteking wordt er een conservatieve behandeling gevolgd met rust, ontstekingsremmers en gerichte kinesitherapie. Bij de meeste gedeeltelijke scheuren en zeker als de pees volledig is afgescheurd, is het nodig de elleboog zo snel mogelijk te opereren.

Operatie
Met een kijkoperatie kan bekeken worden in hoeverre de pees ontstoken of gescheurd is. Als er geen scheur is of als deze zeer klein is, wordt de pees schoongemaakt en de slijmbeurs wordt verwijderd. Als de pees minder dan de helft gescheurd is kan een botanker geplaatst worden om de scheur te herstellen.

Als de pees meer dan de helft is afgescheurd, is het beter om hem volledig los te maken van de radius. De stomp van de pees wordt dan schoongemaakt tot er gezond weefsel overblijft. Dan wordt deze vastgehecht aan een metalen plaatje. Er wordt een tunnel in de radius gemaakt op de plaats van de eigenlijke aanhechting. Hier wordt het plaatje doorgetrokken en zo wordt de pees terug vastgehecht.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een dik verband. Als er teveel spanning op de hechtingen zit is het soms nodig om de elleboog tijdelijk in te gipsen. Het verband blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd.

Hierna mag de elleboog weer bewogen worden. Vooral het strekken is meestal moeilijk in het begin. Pas na zes weken mag er weer voorzichtig kracht worden uitgeoefend met de biceps. Als alles goed gaat mag de elleboog na drie maanden weer volledig belast worden.

Wat is een bursitis?
De grootste slijmbeurs (bursa) van de elleboog bevindt zich op het achterste uiteinde van de ellepijp (ulna). Als de bursa ontstoken is spreken we van een bursitis. Dit gaat gepaard met een ballonvormige zachte zwelling aan de achterkant van de elleboog. Vaak is dit pijnlijk maar niet altijd.

De elleboog kan rood of warm zijn. Als de roodheid, warmte en pijn op de voorgrond staan, dan kan het ook gaan op een infectie. Het is daarom belangrijk dat een arts de bursitis onderzoekt. een bacteriële infectie van de bursa kan optreden na een wondje aan de elleboog of als het immuunsysteem van de patiënt onvoldoende werkt ten gevolge van een ziekte of medicatie.

Een bursitis kan ontstaan om verschillende redenen. Teveel op de elleboog steunen kan een bursitis uitlokken. Een bursitis kan ook ontstaan na een operatie aan de elleboog. Tenslotte kan een extra gevormd stukje bot aan de achterzijde van de elleboog het risico op een bursitis verhogen.

Onderzoek.
De diagnose van een bursitis olecrani is meestal vrij makkelijk. De zwelling is over het algemeen duidelijk.
Bij aanraken van de bursa voelt deze zacht aan. Het is vooral belangrijk het verschil tussen een ontstoken en een geïnfecteerde bursitis te maken aangezien de behandeling volledig verschillend is.

Meestal wordt een Röntgenfoto van de elleboog gemaakt om een zogenaamd tractiespoor, of extra botvorming uit te sluiten.

Wat is de behandeling?
Ten eerste wordt er een conservatieve behandeling gevolgd. Dat betekent dat een operatie nooit de eerste keuze is. Het eerste deel van de behandeling bestaat vooral uit rust en het voorkomen van druk op de bursa. Als er geen maagproblemen zijn wordt er vaak een kuur met ontstekingsremmende medicatie voorgeschreven.

Injecties in de bursa of het uitzuigen van de vloeistof uit de bursa worden soms ook gedaan maar het is belangrijk dat dit zeer zorgvuldig gebeurt omdat er een risico bestaat op een infectie, als er bij de injectie een bacterie in de bursa gebracht wordt.

Tenslotte kan het nodig zijn de elleboog te opereren. Dit is vrijwel nooit nodig voor een eerste acute bursitis maar gebeurd vaker als de bursitis steeds terugkomt of bij chronische problemen, waarbij er een duidelijk verdikte wand is van de bursa.

Operatie
Een bursitis olecrani kan zowel met een kijkoperatie als met een open techniek verwijderd worden. In beide gevallen wordt de volledige bursawand verwijderd.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een spalk. Dit blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd.

Hierna mag de elleboog weer bewogen worden. De elleboog mag direct worden belast als de pijn dit toelaat. Steunen op de elleboog wordt afgeraden tot de pijn en de zwelling verdwenen zijn.

Specifieke complicaties
Naast de algemene complicaties, kunnen met name wondproblemen voorkomen na deze operatie.

Resultaten
De resultaten bij deze operatie zijn over het algemeen zeer goed. Meer dan 90% van de patiënten zal volledig genezen zijn. De duur van het herstel is zeer variabel. De meeste patiënten zullen na twee weken nog maar weinig last hebben.

De zwelling ter hoogte van de elleboog kan wel langer aanhouden. Rechtstreeks op de elleboog steunen is vaak pas na een lange tijd mogelijk. De bursa groeit naar verloop van tijd weer terug maar een nieuwe bursitis komt zelden voor.

Indien er zich na een operatie een complicatie voordoet of als u twijfelt of er een complicatie is kunt u het beste contact opnemen met uw chirurg (Dr. R. van Riet, tel: 03-3205800) of u aanmelden bij de spoedgevallendienst van het ziekenhuis waar u geopereerd bent (spoedgevallen AZ Monica, Deurne, tel: 03-3205711).

Helaas is geen enkele operatie gegarandeerd zonder complicaties. De voornaamste complicatie, die bij elke operatie kan optreden, is een infectie. Tekens van infectie zijn roodheid, warmte, zwelling en pijn. Veel of langdurig vocht uit de operatiewonde kan wijzen op een infectie. Deze lijken op normale symptomen na een operatie en soms is het moeilijk om een infectie te onderscheiden. Het is zeer belangrijk om bij twijfel uw arts te raadplegen.

Bloednames, Röntgenfoto’s en verschillende soorten scans zijn soms nodig om de diagnose te bevestigen. Dit is vooral het geval bij chronische of sluimerende infecties die pas laat na de operatie optreden. Als behandeling worden meestal antibiotica voorgeschreven via een infuus of in de vorm van tabletten. Het kan nodig zijn de infectie te spoelen in de operatiezaal en in extreme gevallen moet dit zelfs meerdere malen gebeuren.

Zwelling van de elleboog na de operatie komt zeer vaak voor en kan tot zes weken aanhouden. De beste behandeling hiervoor is de elleboog niet te overbelasten. IJscompressen en ontstekingsremmers kunnen ook de zwelling doen afnemen.

Na een operatie aan de elleboog kan er stijfheid van het gewricht optreden. Dit is ten gevolge van de pijn die de elleboog belet goed te bewegen na de operatie. Bij sommige operaties mag de elleboog tijdelijk niet bewogen worden en dan is het risico op stijfheid ook groter.

Langdurige kinesitherapie is meestal voldoende om de beweging te herwinnen maar soms kan een brace worden voorgeschreven. Bij ernstige stijfheid die niet reageert op kiné of een brace kan een operatie overwogen worden.

Rond de elleboog lopen drie grote zenuwen die belangrijk zijn voor de functie en het gevoel van de hand en de onderarm. Tijdens de operatie kan een zenuw uitvallen doordat deze gekneld werd of zelfs beschadigd. Meestal is deze uitval tijdelijk maar in zeer zeldzame gevallen kan het letsel onomkeerbaar zijn.

De anesthesie die bij de operatie wordt gebruikt kan ook voor complicaties zorgen. Dit is zowel het geval bij een algemene narcose, als bij een anesthesie waarbij alleen de arm verdoofd wordt.

Specifieke complicaties per ingreep zullen in de aparte hoofdstukken besproken worden.

Wat is een golferselleboog?
Een golferselleboog (epicondylitis medialis) typeert zich door pijn aan de binnenkant van de elleboog. Hier is de aanhechting van de buigspieren van de pols. Het begint meestal met een ontsteking ten gevolge van een overbelasting. Later volgen er microscopisch kleine scheurtjes in de pees.

De pees probeert zich te herstellen en wanneer dat niet lukt kan een golferselleboog chronisch worden. Door de meerdere scheurtjes ontstaan er littekens in de pees. Hierdoor gaat de kwaliteit van de pees achteruit en kan het langer duren voordat de pees zich kan herstellen.

Soms gaat een golferselleboog gepaard met een inklemming van een zenuw (nervus ulnaris) ter hoogte van de elleboog. Dit uit zich vooral door tintelingen en een verminderd gevoel in de ringvinger en pink. Soms kan er zelfs uitval zijn van bepaalde spieren in de hand en onderarm.

Onderzoek.
Tijdens het onderzoek bij de arts zal deze vragen de spier aan te spannen om de pijn uit te lokken. Ook rek van de spier is meestal pijnlijk. Tenslotte is druk op de binnenkant van de elleboog vaak zeer gevoelig. Aanraking van de zenuw kan pijnlijk zijn en uitstralen tot in de hand. Het gevoel van de vingers en de kracht van de hand worden ook nog onderzocht.

Meestal worden een Röntgenfoto van de elleboog en een echografie aangevraagd maar dit is niet altijd nodig. Om de zenuw beter te onderzoeken kan een EMG aangevraagd worden.

Wat is de behandeling?
Ten eerste wordt er een conservatieve behandeling gevolgd. Dat betekent dat een operatie nooit de eerste keuze is. Het eerste deel van de behandeling bestaat vooral uit gerichte kinesitherapie en het dragen van een bandage. Dit laatste kan de aanhechting van de pees ontlasten.

Als er geen maagproblemen zijn wordt er vaak een kuur met ontstekingsremmende medicatie voorgeschreven. Als dit onvoldoende resultaat geeft dan kan de arts beslissen een injectie met cortisonen te geven. Tenslotte kan het nodig zijn de elleboog te opereren.

Operatie
Een golferselleboog moet met een open techniek geopereerd worden. Litteken en ontstekingsweefsel verwijderd uit de aanhechting van de pees. Indien nodig wordt de zenuw bij dezelfde operatie vrijgelegd en eventueel verplaatst uit zijn tunnel.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een afneembare spalk, gips of een dik verband. Dit blijft twee weken rond de elleboog. De spalk mag dagelijks meerdere keren worden afgenomen om de elleboog te strekken en te buigen. Na de eerste week is het niet meer noodzakelijk om de spalk ’s nachts te dragen.

De spalk wordt volledig verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd. Hierna mag de elleboog weer volledig bewogen worden. Vooral het strekken is meestal moeilijk in het begin. Na zes weken mag de elleboog weer belast worden.

Specifieke complicaties
Bij deze operatie kan het zijn dat het gevoel aan de binnenzijde van de elleboog (tijdelijk) vermindert.

Resultaten
De resultaten bij deze operatie zijn over het algemeen zeer goed. Meer dan 90% zal volledig genezen zijn. In een klein percentage blijft er nog wat milde pijn of ongemak bij inspanning en in een zeer klein percentage is er weinig beterschap van de ingreep.

Als ook de nervus ulnaris gekneld zat duurt het vaak langer tot de elleboog volledig hersteld is en zijn de resultaten van een operatie minder gunstig, maar nog steeds goed in de meerderheid van de patiënten.

De duur van het herstel is zeer variabel. De meeste patiënten zullen na twee weken snel een redelijke beweeglijkheid van de elleboog hebben maar het duurt minstens zes weken voordat de pees weer volledig belast kan worden.

Wat is een tenniselleboog?
Een tenniselleboog (epicondylitis radialis) typeert zich door pijn aan de buitenkant van de elleboog. Hier is de aanhechting van de strekspieren van de pols. Het begint meestal met een ontsteking ten gevolge van een overbelasting. Later volgen er microscopisch kleine scheurtjes in de pees.

De pees probeert zich te herstellen en wanneer dat niet lukt kan een tenniselleboog chronisch worden. Door de meerdere scheurtjes ontstaan er littekens in de pees. Hierdoor gaat de kwaliteit van de pees achteruit en kan het langer duren voordat de pees zich kan herstellen.

Onderzoek.
Tijdens het onderzoek bij de arts zal deze vragen de spier aan te spannen om de pijn uit te lokken. Ook rek van de spier is meestal pijnlijk. Tenslotte is druk op de buitenkant van de elleboog vaak zeer gevoelig.

Meestal worden een Röntgenfoto van de elleboog en een echografie aangevraagd maar dit is niet altijd nodig.

Wat is de behandeling?
Ten eerste wordt er een conservatieve behandeling gevolgd. Dat betekent dat een operatie nooit de eerste keuze is. Het eerste deel van de behandeling bestaat vooral uit gerichte kinesitherapie en het dragen van een tennisarmbandje. Dit laatste kan de aanhechting van de pees ontlasten.

Als er geen maagproblemen zijn wordt er vaak een kuur met ontstekingsremmende medicatie voorgeschreven. Als dit onvoldoende resultaat geeft dan kan de arts beslissen een injectie met cortisonen te geven. Tenslotte kan het nodig zijn de elleboog te opereren.

Operatie
Een tenniselleboog kan zowel met een kijkoperatie als met een open techniek geopereerd worden. In beide gevallen wordt litteken en ontstekingsweefsel verwijderd uit de aanhechting van de pees.

Een kijkoperatie heeft als voordeel dat de rest van het gewricht ook bekeken kan worden en eventuele problemen in het gewricht mogelijk opgelost kunnen worden.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een afneembare spalk, gips of een dik verband. Dit blijft twee weken rond de elleboog. De spalk mag dagelijks meerdere keren worden afgenomen om de elleboog te strekken en te buigen. Na de eerste week is het niet meer noodzakelijk om de spalk ’s nachts te dragen.

De spalk wordt volledig verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd. Hierna mag de elleboog weer volledig bewogen worden. Vooral het strekken is meestal moeilijk in het begin. Na zes weken mag de elleboog weer belast worden.

Specifieke complicaties
Stijfheid en pijn kunnen langer aanhouden dan normaal.

Resultaten
De resultaten bij deze operatie zijn over het algemeen zeer goed. Meer dan 90% zal volledig genezen zijn. In een klein percentage blijft er nog wat milde pijn of ongemak bij inspanning en in een zeer klein percentage is er weinig beterschap van de ingreep. De duur van het herstel is zeer variabel.

De meeste patiënten zullen na twee weken snel een redelijke beweeglijkheid van de elleboog hebben maar het duurt minstens zes weken voordat de pees weer volledig belast kan worden. Het duurt drie tot zes maanden voordat het herstel volledig is.

Wat is osteochondritis dissecans?
Osteochondritis dissecans (OCD) typeert zich meestal door stijfheid en pijn van de elleboog. Meestal bevindt de pijn zich aan de buitenzijde, maar pijn kan in de hele elleboog voorkomen. OCD komt vaker voor bij jongens in de leeftijd van 12 tot 20 jaar.

Het is een aandoening van het bot onder het gewrichtskraakbeen van de elleboog. Het bot verzwakt en hierdoor kan het kraakbeen loskomen. Er zijn verschillende theorieën over de oorzaak, maar er wordt algemeen aangenomen dat het gaat om een overbelasting. 20% van de patiënten kunnen een duidelijk moment aangeven wanneer de aandoening is begonnen.

Er zijn verschillende stadia van OCD. In het eerste stadium is er vooral een verzwakking van het bot. Er zijn nog geen duidelijke scheuren in het kraakbeen. In het tweede stadium is dit wel het geval. In stadium 3 is het kraakbeen volledig gescheurd ter hoogte van het OCD letsel en in het laatste stadium zweeft het fragment los in de elleboog, als een gewrichtsmuis.

Onderzoek.
Tijdens het onderzoek zal de arts kijken of er vocht in de elleboog zit. De beweeglijkheid wordt getest. Tijdens het bewegen kan het zijn dat de elleboog kraakt of dat deze plots blokkeert. De stabiliteit van de elleboog wordt onderzocht omdat OCD vaker voorkomt bij sporters waarbij de elleboog te ‘los’ is.

Bij elke patiënt worden een Röntgenfoto en meestal een arthro-CT of MRI scan van de elleboog aangevraagd. Juist voor de scan wordt contraststof in de elleboog gespoten om eventuele scheurtjes in het kraakbeen beter op te sporen.

In het eerste stadium kunnen deze onderzoeken volledig normaal zijn en is een MRI noodzakelijk. Tenslotte wordt er soms een botscan gedaan om het stadium van de OCD te onderzoeken.

Wat is de behandeling?
De behandeling is afhankelijk van het stadium. In het eerste stadium is het nodig om de elleboog te laten rusten. In de praktijk betekent dit meestal dat de patiënt minder mag gaan sporten of zelfs een periode volledig dient te stoppen. Kinesitherapie, ijs en pijnstillers kunnen de symptomen vaak snel verminderen. In de volgende stadia kan een operatie nodig zijn om het loslaten van het kraakbeen te stoppen.

Operatie
Een operatie kan artroscopisch of via een open techniek. Indien mogelijk wordt het kraakbeen terug vast gehecht. Als er al een te grote loslating is of in het geval van een gewrichtsmuis wordt het fragment meestal verwijderd. In sommige patiënten en bij zeer ernstige gevallen, is het mogelijk om bot en kraakbeen van elders te transplanteren in het defect.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog meestal beschermd door een dik verband. Dit blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd. De elleboog mag direct na de operatie weer bewogen worden.

Vooral het strekken is vaak moeilijk in het begin. De elleboog mag minstens zes weken niet worden belast maar dit is sterk afhankelijk van het stadium van de OCD en het type operatie.

Specifieke complicaties
Dit is ook afhankelijk van het stadium en de operatie. Zelfs als de operatie technisch goed werd uitgevoerd, kan het zijn dat een fragment niet vastgroeit na een hechting en alsnog tot een gewrichtsmuis vormt. In dat geval is een tweede operatie nodig.

Resultaten
Afhankelijk van het stadium van de OCD, de sport en het niveau van de sport, zijn de resultaten bij deze operatie goed. Verder geldt de algemene regel dat er bij jongere patiënten betere resultaten zijn.

In een vroeg stadium en bij jonge patiënten kan de elleboog volledig genezen zonder functionele problemen op latere leeftijd. Bij latere stadia en oudere patiënten kan er versnelde slijtage (artrose) van de elleboog optreden.

Wat is een triceps pees scheur?
De triceps is de grote spier aan de achterzijde van de bovenarm. De pees hecht aan, aan de ellepijp(ulna) ter hoogte van de onderarm. Bij aanspannen van de triceps strekt de elleboog (extensie). De pees kan scheuren door een te zware belasting of door een val op de hand. Dit kan plotsklaps gebeuren maar kan ook langzaam optreden.

De meeste patiënten zijn mannen die zware lichamelijke arbeid verrichten. Vaak zijn er al langer klachten aan de achterkant van de elleboog. Dit kan wijzen op een langdurige overbelasting of zelfs een ontsteking van de pees.

Onderzoek
Tijdens het onderzoek bij de arts, zal deze kijken naar de omvang van de spier. Bij een recente scheur is er vaak een grote blauwe plek zichtbaar en kan het zijn dat de spier richting de schouder is verplaatst. Als de arts vraagt de spier aan te spannen is dit meestal pijnlijk. De kracht van de elleboog kan verminderd zijn maar is vaak nog redelijk, omdat de pees meestal niet volledig is afgescheurd. Rek van de spier is meestal pijnlijk.

Tenslotte zal de arts proberen de pees te voelen. Door de pijn en de zwelling is dit vaak moeilijk. De pees scheurt niet altijd volledig maar slechts gedeeltelijk. Dan is de resterende pees nog wel voelbaar door de arts, en is pijn het meest op de voorgrond.

Meestal worden een Röntgenfoto van de elleboog en een echografie aangevraagd maar dit is niet altijd nodig. Soms kan het nodig zijn een MRI scan te maken. Dit is vooral het geval bij gedeeltelijk gescheurde pezen.

Wat is de behandeling?
Bij een ontsteking wordt er een conservatieve behandeling gevolgd met rust en ontstekingsremmers en gerichte kinesitherapie. Bij de meeste gedeeltelijke scheuren en zeker als de pees volledig is afgescheurd is het nodig de elleboog zo snel mogelijk te opereren.

Operatie
Er wordt een incisie gemaakt aan de achterkant van de elleboog. De pees wordt terug vastgemaakt aan het bot via hechtingen door het bot en/of een anker geplaatst in het bot.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een dik verband. Als er teveel spanning op de hechtingen zit is het soms nodig om de elleboog tijdelijk in te gipsen. Het verband blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd.

Hierna mag de elleboog weer bewogen worden. Vooral het buigen is meestal moeilijk in het begin. Er mag niet gesteund worden op de geopereerde arm. Pas na zes weken mag er weer voorzichtig kracht worden uitgeoefend met de triceps.

Als alles goed gaat mag de elleboog na drie maanden weer volledig belast worden.

Wat is een zenuwinklemming?
Er lopen drie belangrijke zenuwen rond de elleboog. Deze kunnen alle drie worden ingekneld. De nervus ulnaris is het vaakst aangedaan, gevolgd door een tak van de nervus radialis, de nervus interosseus posterior.

Wat is een Nervus ulnaris inklemming?
Aan de achterkant van de binnenzijde van de elleboog loopt een grote zenuw, de nervus ulnaris. Deze zenuw is belangrijk voor het gevoel van een deel van de onderarm en de ringvinger en pink. Verder zorgt het ervoor dat verschillende spieren van de onderarm en vooral van de hand kracht kunnen uitoefenen. Meestal klaagt de patiënt van tintelingen in de ringvinger en pink. Soms treden deze enkel ’s nachts op, of bij bepaalde werkzaamheden.

Zwakte van de hand komt vaak voor. Als de zenuw de spieren niet meer goed aanstuurt kunnen de vingers zelfs krom gaan staan. Ter hoogte van de elleboog loopt de zenuw door een tunnel. De bodem van de tunnel wordt gevormd door het bot van de elleboog. Het dak van de tunnel is een sterke gewrichtsband.

De zenuw kan inknellen doordat de tunnel kleiner wordt of doordat de zenuw zelf dikker wordt, zoals bij een ontsteking. De tunnel kan bijvoorbeeld kleiner worden als er slijtage van de elleboog is, met extra botvorming tot gevolg. In zeldzamere gevallen kan het zijn dat er een extra spiertje aan de binnenkant van de elleboog wordt gevonden. Vaak wordt de echte oorzaak echter niet duidelijk gevonden.

Onderzoek
Tijdens het onderzoek bij de arts zal deze proberen de symptomen uit te lokken door zacht op de zenuw te tikken. Dit kan uitstraling geven tot aan de pink. Verder kan het buigen van de elleboog soms de symptomen uitlokken. Druk op de binnenkant van de elleboog kan gevoelig zijn. Het gevoel van de vingers en de kracht van de hand worden ook nog onderzocht. Soms gaat een ingeklemde zenuw samen met een golferselleboog en indien nodig zal de arts dit ook onderzoeken.

Meestal worden een Röntgenfoto van de elleboog aangevraagd. Om de zenuw beter te onderzoeken kan een EMG aangevraagd worden.

Wat is de behandeling?
Soms kan een conservatieve behandeling de oplossing zijn. Dit is vooral wanneer het EMG nog geen duidelijke afwijkingen toont of als de klachten bijvoorbeeld sterk houdingsgebonden zijn. Er wordt dan aangeraden de elleboog niet voor langere tijd gebogen te houden en om niet teveel druk op de zenuw te geven door bijvoorbeeld de arm te rusten op een kussen in plaats van een harde ondergrond.

In sommige gevallen kan een brace voorgeschreven worden om de elleboog ’s nacht gestrekt te houden tijdens de slaap. Als de conservatieve behandeling te weinig effect heeft, of als er definitieve schade voor de zenuw dreigt op te treden dient de zenuw operatief vrijgelegd te worden.

Operatie
Er wordt een incisie gemaakt over de zenuw en het dak van de tunnel wordt opengemaakt. De zenuw wordt dan volledig vrijgelegd tot aan de eerste takken in de onderarm. Meestal is dit voldoende. Soms is het nodig om de zenuw te verleggen, omdat er bijvoorbeeld teveel bot in de tunnel zit, of omdat de zenuw niet mooi in de goot past.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een dik verband. Dit blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd. Hierna mag de elleboog weer bewogen worden. Vooral het strekken is meestal moeilijk in het begin. In principe mag de elleboog direct volledig belast worden zolang de pijn dit toelaat.

Specifieke complicaties
Bij deze operatie kan het zijn dat het gevoel aan de binnenzijde van de elleboog (tijdelijk) vermindert.

Resultaten
De resultaten bij deze operatie zijn over het algemeen zeer goed. Meer dan 90% zal volledig genezen zijn. In een klein percentage blijft er nog wat milde pijn of ongemak bij inspanning en in een zeer klein percentage is er weinig beterschap van de ingreep. De duur van het herstel is zeer variabel.

De meeste patiënten zullen na twee weken snel een redelijke beweeglijkheid van de elleboog hebben maar het duurt vaak veel langer voordat het gevoel in de hand en onderarm normaal wordt. Dit is afhankelijk van de kwaliteit van de zenuw. Als deze al lang ingekneld heeft gezeten voor de operatie, kan het zijn dat de zenuw niet meer kan herstellen. In dat geval is het doel van de operatie om te voorkomen dat de klachten erger worden en de zenuw volledig onbruikbaar wordt.

Wat is een nervus interosseus posterior inklemming?
Aan de voorzijde van de elleboog loopt een grote zenuw, de nervus radialis. Deze splitst in twee takken en is belangrijk voor het gevoel van een deel van de onderarm en de duimzijde van de hand. Verder zorgt het ervoor dat verschillende spieren van de onderarm kracht kunnen uitoefenen.

Hier is vooral de Nervus interosseus posterior van belang. Ter hoogte van de onderarm loopt de zenuw door een tunnel. De bodem van de tunnel wordt gevormd door het bot van het spaakbeen (radius). Het dak van de tunnel is een spier en een peesboog. De zenuw kan inknellen door deze pees en spier maar kan ook inknellen door een groot bloedvat in de buurt van de zenuw. Het belangrijkste symptoom is pijn aan de voorzijde van de onderarm. De pijn voelt vaak brandend en kan uitstralen richting de hand.

Onderzoek.
Tijdens het onderzoek bij de arts zal deze proberen de symptomen uit te lokken door zacht op de zenuw te tikken. Dit kan lokale pijn of uitstraling geven. Verder kan het aanspannen van de spieren soms de symptomen uitlokken. Druk aan de voorzijde van de elleboog kan gevoelig zijn.

Het gevoel van de vingers en de kracht van de hand worden ook nog onderzocht. Om de zenuw beter te onderzoeken wordt een EMG aangevraagd worden en bij een Nervus interosseus posterior inklemming wordt meestal een MRI gevraagd.

Wat is de behandeling?
Soms kan een conservatieve behandeling de oplossing zijn. Dit is vooral wanneer het EMG nog geen duidelijke afwijkingen toont of als de klachten bijvoorbeeld sterk houdingsgebonden zijn. De behandeling bestaat dan voornamelijk uit rust en eventueel kinesitherapie om de spieren van de onderarm beter te ontspannen. Als de conservatieve behandeling te weinig effect heeft, of als er definitieve schade voor de zenuw dreigt op te treden dient de zenuw operatief vrijgelegd te worden.

Operatie
Er wordt een incisie gemaakt over de zenuw, aan de voorzijde van de onderarm, ter hoogte van de elleboog en het dak van de tunnel wordt opengemaakt. De zenuw wordt dan volledig vrijgelegd.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog beschermd door een dik verband. Dit blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd. Hierna mag de elleboog weer bewogen worden. Vooral het strekken is meestal moeilijk in het begin. In principe mag de elleboog direct volledig belast worden zolang de pijn dit toelaat.

Specifieke complicaties
Bij deze operatie kan het zijn dat het gevoel aan de voorzijde van de elleboog (tijdelijk) vermindert. In zeldzame gevallen kan de zenuw uitvallen, zodat de strekspieren van de pols en vingers niet meer goed aanspannen. Dit is vrijwel altijd tijdelijk.

Resultaten
De resultaten bij deze operatie zijn over het algemeen zeer goed. De meerderheid van de patiënten zal volledig genezen zijn. In een klein percentage blijft er nog wat milde pijn of ongemak bij inspanning en in een zeer klein percentage is er weinig beterschap van de ingreep. De duur van het herstel is zeer variabel.

Dit is afhankelijk van de kwaliteit van de zenuw. Als deze al lang ingekneld heeft gezeten voor de operatie kan het zijn dat de zenuw niet meer kan herstellen. In dat geval is het doel van de operatie om te voorkomen dat de klachten erger worden en de zenuw volledig onbruikbaar wordt.

Wat is Panner?
De ziekte van Panner typeert zich meestal door stijfheid en pijn van de elleboog. Meestal bevindt de pijn zich aan de buitenzijde, maar pijn kan in de hele elleboog voorkomen. Panner komt vaker voor bij jongens in de leeftijd van 4 tot 8 jaar, maar kan tot ongeveer 12 jaar voorkomen.

Het is een aandoening van de bloedvoorziening van de groeischijf aan de buitenzijde van de elleboog. Er zijn verschillende theorieën over de oorzaak, maar er wordt algemeen aangenomen dat het gaat om een overbelasting. De ziekte van Panner geneest in de meeste gevallen vanzelf. Het hele proces kan wel tot meer dan een jaar duren. Panner mag niet worden verward met OCD dat vaker bij iets oudere kinderen voorkomt.

Onderzoek.
Tijdens het onderzoek zal de arts kijken of er vocht in de elleboog zit. De beweeglijkheid wordt getest.
Bij elke patiënt worden een Röntgenfoto en vaak wordt een CT of een MRI scan van de elleboog aangevraagd.

Wat is de behandeling?
De behandeling is vrijwel altijd conservatief bij deze jonge kinderen. Een operatie is slechts zelden aangewezen. Het is nodig om de elleboog goed te laten rusten. In de praktijk betekent dit meestal dat de patiënt minder mag gaan sporten of zelfs een periode volledig dient te stoppen. Kinesitherapie, ijs en pijnstillers kunnen de symptomen vaak snel verminderen.

Operatie
Een operatie is zelden nodig maar als er toch extreme pijn of stijfheid zijn, of als er een gewrichtsmuis in de elleboog vormt, kan een operatie artroscopisch of via een open techniek.

Na de operatie
Direct na de operatie wordt de elleboog meestal beschermd door een dik verband. Dit blijft twee weken rond de elleboog en wordt pas verwijderd op de eerste consultatie. Dan worden ook de knoopjes van de hechtingen in de huid verwijderd. De elleboog mag direct na de operatie weer bewogen worden. Vooral het strekken is vaak moeilijk in het begin. De elleboog mag minstens zes weken niet worden belast maar dit is sterk afhankelijk van de ernst en het type operatie.

Specifieke complicaties
Dit is ook afhankelijk van het stadium en de operatie.

Resultaten
De resultaten van conservatieve therapie zijn over het algemeen goed. Verder geldt de algemene regel dat er bij jongere patiënten betere resultaten zijn.

Kies de operatieve behandeling aan de linkerkant voor meer informatie.

Kijkoperatie van de elleboog

Wat is een artroscopie?
Een artroscopie is een kijkoperatie. Hierbij worden verschillende kleine incisies gemaakt rond de elleboog. Door deze incisies kunnen dan een camera en verschillende instrumenten in het gewricht worden gebracht.

Wanneer wel
Een kijkoperatie kan worden gedaan om gewrichtsmuizen uit de elleboog te verwijderen of om kraakbeen te verwijderen of te fixeren bij osteochondritis dissecans of de ziekte van Panner. Ontstekings- of littekenweefsel kan worden verwijderd. Tevens kan extra bot worden verwijderd en kan het kapsel worden verwijderd in het geval van een stijve elleboog of bij artrose. Een tenniselleboog kan ook via een kijkoperatie worden behandeld. Sommige breuken van de elleboog kunnen met behulp van een artroscopie terug op de plaats worden gezet. Tenslotte kan een kijkoperatie als onderzoek dienen om de staat van het kraakbeen te bekijken of in het geval van een instabiele elleboog.

Wanneer niet
Een kijkoperatie kan niet worden gedaan als de patiënt niet gezond genoeg is om in slaap te gaan of gedurende langere tijd op de zij te liggen. In sommige gevallen kan een artroscopie ook niet plaatsvinden als er al operaties op de zenuwen zijn gebeurd in het verleden of er teveel litteken weefsel in de elleboog zit.

Opname
De meeste kijkoperaties gebeuren via het dagziekenhuis. Soms is het nodig om enkele dagen in het ziekenhuis te worden opgenomen, bijvoorbeeld om gebruik te maken van de CPM (Kinetec) machine onder begeleiding van onze kinesisten.

Anesthesie
De operatie gebeurt onder algemene narcose.

Positie van de patiënt
De patiënt wordt op de zij gelegd met de arm op een rol. Er wordt een knelband aan de arm gelegd om bloeden tegen te gaan. Dan wordt de arm ontsmet met isobetadine en met steriele doeken afgedekt. Het is zeer belangrijk om een eventuele allergie tegen isobetadine te vermelden, omdat er dan een ander product gebruikt moet worden om de arm te ontsmetten.

Stappen van de operatie
Ten eerste wordt er fysiologische vloeistof in het gewricht gespoten om het kapsel uit te laten zetten. Dan wordt er een incisie van ongeveer een halve centimeter gemaakt aan de binnenkant van de elleboog, juist voor de nervus ulnaris. De camera wordt in het gewricht gebracht en de voorzijde van het gewricht wordt bekeken.

Er wordt continu fysiologische vloeistof in het gewricht gepompt. Met een naaldje wordt dan de plaats voor de tweede incisie aangeduid. Door deze tweede incisie kunnen instrumenten in het gewricht worden gebracht. Dan worden er twee of drie incisies aan de achterzijde van de elleboog gemaakt. Opnieuw kunnen de camera en instrumenten in het gewricht gebracht worden.

Na de operatie
Na de operatie zal er, afhankelijk van de ingreep, een gips worden aangelegd met de elleboog zoveel mogelijk gestrekt. Deze methode werd ontwikkeld door Prof. Dr. Yamaguchi uit de VS en dient om de zwelling zoveel mogelijk te beperken. Deze gips mag op de eerste dag na de operatie worden verwijderd en vervangen door een drukverband.

De wondjes mogen worden verzorgd met isobetadine of met alcohol in het geval van een allergie. Het is normaal dat er de eerste dagen na de kijkoperatie nog vocht uit de wondjes komt. Dit moet spontaan stoppen binnen 2 à 3 dagen.

De eerste consultatie is in principe twee weken na de ingreep. De hechtingen worden dan verwijderd en de volgende stappen van de revalidatie worden op dat moment besproken.

Complicaties
Complicaties treden zelden op bij een artroscopie van de elleboog. Naast de algemene complicaties, is er een toegenomen risico op zenuwletsel. Indien het voor de zenuw te gevaarlijk zou zijn om artroscopisch verder te gaan kan er besloten worden om een grotere incisie te maken om de operatie via een open techniek verder te zetten, of om de ingreep te stoppen.

Wat is een totale elleboog prothese?
Er bestaan verschillende soorten prothesen voor de elleboog. De bedoeling van een prothese is het vervangen van een niet meer functionerend gewricht. Afhankelijk van wat er vervangen dient te worden kan de prothese worden aangepast. Dit is ook afhankelijk van de leeftijd van de patiënt en van de reden voor de prothese.

Wanneer wel
Meestal wordt een prothese geplaatst omwille van slijtage van het gewricht. Dit kan een onderliggende oorzaak hebben, zoals reuma of een doorgemaakte breuk. Het langdurig overbelasten van de elleboog kan ook slijtage veroorzaken en bij sommige mensen is er een verhoogde gevoeligheid voor slijtage. Tenslotte kan een prothese ook nodig zijn bij complexe breuken van de elleboog, die niet meer hersteld kunnen worden.

Wanneer niet
Bij een actieve infectie of niet genezende wonden ter hoogte van de elleboog is het plaatsen van een prothese niet mogelijk. Natuurlijk moet de algemene gezondheid van de patiënt ook voldoende zijn om een operatie toe te laten.

Opname
Na het plaatsen van een elleboogprothese is een opname van drie tot vier dagen in het ziekenhuis nodig. Dit dient om de wonde na te kijken en te verzorgen en tevens kan er al direct gestart worden met kinesitherapie om de beweging zo snel mogelijk te verbeteren. Tijdens de opname in het ziekenhuis is het ten slotte ook makkelijker om pijnmedicatie aan te passen aan de behoefte van dat moment.

Anesthesie
De ingreep gebeurt onder volledige narcose. Een locoregionale verdoving (dat wil zeggen dat de alleen de arm wordt verdoofd) is ook mogelijk maar omdat de ingreep langer dan twee uur duurt is dit zeer oncomfortabel voor de patiënt en dit wordt dan ook afgeraden.

Positie van de patiënt
Tijdens de operatie wordt de patiënt in ruglig geplaatst.

Stappen van de operatie
Na de narcose wordt de er een knelband om de arm gebracht om ervoor te zorgen dat er tijdens de operatie niet teveel bloeding optreedt. De arm wordt ontsmet en steriel afgedekt. De incisie wordt gemaakt over de achterzijde van de elleboog. De n. ulnaris wordt dan opgezocht en beschermd tijdens de operatie.

De pees van de grote strekspier van de elleboog, de triceps, wordt gesplitst. De elleboog wordt dan vrijgemaakt en ‘uit de kom’ geplaatst door de gewrichtsbanden door te nemen. Zowel de bovenarm als de onderarm worden dan geprepareerd. Dit gebeurt door het wegnemen van een groot deel van het kraakbeen. Hierna wordt het mergkanaal van de bovenarm en de onderarm (de ulna) geopend met speciale raspen. Eerst wordt dan de prothese gepast met proefcomponenten.

Als de prothese goed past en de beweeglijkheid en stabiliteit zijn goed dan worden de definitieve delen geplaatst. Deze worden vastgezet met beencement. Dat betekent dat de prothese in principe onmiddellijk na de operatie al stevig vast zit, zodat bewegen direct mogelijk is. De triceps en de huid worden dan in verschillende lagen gehecht en er wordt een drukverband aangelegd.

Na de operatie
Bewegen is direct mogelijk en op de dag na de operatie komt de kinesist al de eerste voorzichtige oefeningen uitleggen. De snelheid van de revalidatie is afhankelijk van de pijn en van het herstel van de wonde. Tillen van gewichten moet voor de rest van het leven beperkt worden met de prothese.

Maximaal mag er 5 kg worden getild terwijl 1.5 kg het maximale gewicht is voor repetitieve bezigheden.

Complicaties
De belangrijkste complicaties zijn infectie en wondproblemen. Indien dit snel na de operatie optreedt kan de prothese meestal nog gered worden door antibiotica via een infuus en eventueel een operatie waarbij de wonde schoon wordt gespoeld. In erge gevallen is het mogelijk dat dit meerdere keren dient te gebeuren.

Als een infectie laat na de operatie optreedt is het meestal nodig de prothese te verwijderen en de infectie eerst volledig uit te roeien voor er een nieuwe prothese geplaatst kan worden.

Zenuwletsel is zelden na deze operatie maar de n. ulnaris kan, meestal tijdelijk, geïrriteerd zijn. Als er teveel litteken rond de zenuw ontwikkeld kan het in zeldzame gevallen mogelijk zijn dat de zenuw ook operatief bevrijdt dient te worden.
Tenslotte zal de prothese ook slijten.

90% functioneert zeer goed voor een periode van langer dan 10 jaar. Loslating van de prothese en slijtage van het ‘gewricht’ van de prothese kunnen ertoe leiden dat de prothese na verloop van tijd vervangen moet worden.

Indien er zich na een operatie een complicatie voordoet of als u twijfelt of er een complicatie is kunt u het beste contact opnemen met uw chirurg (Dr. R. van Riet, tel: 03-3205800) of u aanmelden bij de spoedgevallendienst van het ziekenhuis waar u geopereerd bent (spoedgevallen AZ Monica, Deurne, tel: 03-3205711).

Helaas is geen enkele operatie gegarandeerd zonder complicaties. De voornaamste complicatie, die bij elke operatie kan optreden, is een infectie. Tekens van infectie zijn roodheid, warmte, zwelling en pijn. Veel of langdurig vocht uit de operatiewonde kan wijzen op een infectie. Deze lijken op normale symptomen na een operatie en soms is het moeilijk om een infectie te onderscheiden. Het is zeer belangrijk om bij twijfel uw arts te raadplegen.

Bloednames, Röntgenfoto’s en verschillende soorten scans zijn soms nodig om de diagnose te bevestigen. Dit is vooral het geval bij chronische of sluimerende infecties die pas laat na de operatie optreden. Als behandeling worden meestal antibiotica voorgeschreven via een infuus of in de vorm van tabletten. Het kan nodig zijn de infectie te spoelen in de operatiezaal en in extreme gevallen moet dit zelfs meerdere malen gebeuren.

Zwelling van de elleboog na de operatie komt zeer vaak voor en kan tot zes weken aanhouden. De beste behandeling hiervoor is de elleboog niet te overbelasten. IJscompressen en ontstekingsremmers kunnen ook de zwelling doen afnemen.

Na een operatie aan de elleboog kan er stijfheid van het gewricht optreden. Dit is ten gevolge van de pijn die de elleboog belet goed te bewegen na de operatie. Bij sommige operaties mag de elleboog tijdelijk niet bewogen worden en dan is het risico op stijfheid ook groter.

Langdurige kinesitherapie is meestal voldoende om de beweging te herwinnen maar soms kan een brace worden voorgeschreven. Bij ernstige stijfheid die niet reageert op kiné of een brace kan een operatie overwogen worden.

Rond de elleboog lopen drie grote zenuwen die belangrijk zijn voor de functie en het gevoel van de hand en de onderarm. Tijdens de operatie kan een zenuw uitvallen doordat deze gekneld werd of zelfs beschadigd. Meestal is deze uitval tijdelijk maar in zeer zeldzame gevallen kan het letsel onomkeerbaar zijn.

De anesthesie die bij de operatie wordt gebruikt kan ook voor complicaties zorgen. Dit is zowel het geval bij een algemene narcose, als bij een anesthesie waarbij alleen de arm verdoofd wordt.

Specifieke complicaties per ingreep zullen in de aparte hoofdstukken besproken worden.